“Stichtelijk woord” vs. “preek”

In diverse kerkordes/regelingen, waaronder ook die in de recent aangenomen is binnen de NGK, wordt onderscheid gemaakt tussen een “preek” en een “stichtelijk woord”. De predikant als ambtsdrager mag “preken”. Een broeder die geen ambtsdrager is maar wel een preekbevoegdheid of preekconsent heeft verkregen, wordt als “een stichtelijk woord spreken” of “een opbouwend woord spreken” omschreven.

Waar komt dat onderscheid nu vandaan? Duidelijk is dat de positie van een predikant als ambtsdrager anders is dan die van een broeder met preekconsent die geen ambtsdrager is. De predikant werkt, als het goed is, nauw samen met de kerkenraad en geven geestelijke leiding aan de gemeente. Het is begrijpelijk dat er onderscheid wordt gemaakt tussen predikanten en broeders met een preekconsent. De positie van predikanten is er in de laatste jaren niet gemakkelijker geworden. Gemeenteleden worden mondiger, en diverse gemeenteleden hebben een theologische opleiding op HBO/universitair niveau gevolgd.

En persoonlijk hoor ik liever een goed “stichtelijk/opbouwend woord” van een niet-predikant dan omstreden zaken in een “preek” van een predikant.

Kerkdienst

Morgen (16-11-2014) is het weer zondag. Ik hoop dat u naar de kerk kunt gaan om God te danken voor het grootste wonder dat Hij ons gegeven heeft: vergeving van zonden en het eeuwige leven door Zijn Zoon, de Here Jezus Christus, die voor al het verkeerde dat wij in Gods ogen gedaan hebben, is gestorven.

Als u niet naar de kerk kunt gaan, kunt u via Internet live diverse kerkdiensten beluisteren. Als u wilt kunt u ook luisteren naar de preek die ik vorige week zondag in de NGK Emmeloord heb gehouden over Genesis 22, de geschiedenis van de beproeving van Abraham.