“Flirten met de alverzoening”?

Vorig jaar presenteerde theoloog Reinier Sonneveld zijn boek “Het vergeten evangelie“. Binnenkort is er een studiedag over dit boek in de Broederkerk in Kampen. De vraag waar het in het boek over gaat is hoe het leven, sterven en de opstanding van de éne mens (en Zoon van God) Jezus Christus de mensheid kan verlossen. Er zijn o.a. 2 theorieën: (1) de leer van de verzoening door voldoening en (2) de Christus-victor theorie. Deze laatste theorie wordt in het boek van Sonneveld voorgesteld als “het vergeten evangelie“. De bekende dr. N.T. (Ton) Wright leert ook deze Christus-victor theorie. Hij schreef hierover een boek met als titel “Justification – God’s Plan and Paul’s Vision“. Dr. John Piper weerlegt de opvatting van dr. Wright in zijn boek “The Future of Justification – A Response to N.T. Wright“. Overigens is de Christus-victor theorie al eerder door een voormalige GKv-predikant uitgedragen (Ton de Ruiter).

De term Christus-victor (Latijns voor “Christus is de overwinnaar“) komt van het boek van Gustaf Aulén ((1879–1997), Lutherse Bisschop van Strängnäs, Zweden) dat hij in 1931 schreef en waarin hij zijn theorie over het verzoeningswerk van Jezus Christus uiteenzette. Hij schrijft dat de Christus-victor theorie al door de vroege kerkvaders werd geleerd en dus ouder moet zijn dat de leer van de verzoening door voldoening, geformuleerd in de 11e eeuw door Anselmus van Canterbury in zijn boek Cur Deos Homo?. Zo zou Origenes (185-254) de eerste zijn die deze theorie leert. En later ook Gregorius van Nyssa (335-395). We zien deze visie ook in het boek “The Lion, the Witch and the Wardrobe” van C.S. Lewis. De leeuw Aslan geeft zijn leven voor de egoïstische Edmund omdat de heks een leven voor een leven wil. Het leven van Aslan voor het leven van Edmund. Maar nadat de heks Aslan heeft vermoord, staat hij onverwacht op uit de dood en verslaat de heks. Kernachtig samengevat beweert de Christus-victor theorie dat het werk van Christus als eerste vooral een overwinning is over de krachten die de mensheid gevangen houden: zonde, dood en de duivel (p. 20). Want satan is de heerser over de wereld en alle mensen (2 Kor. 4:4). God bood Zijn Zoon om de mensheid te redden (Joh. 3:16). Satan nam dit aanbod aan. Daarmee trapte hij als het ware in de val want hij kon Jezus niet vasthouden in de dood. Jezus overwon de dood, verbrak haar macht en stond op uit de dood (Hebr. 2;14-15).

De leer van de verzoening door voldoening leert dat Christus moest sterven om Gods eer, die door de zonde van de mens was geschonden, te herstellen. Door de Reformatoren werd deze verzoeningsleer licht gewijzigd in wat we de substitutieleer (vervangingsleer) noemen. Dat leert dat om de zondige mensheid te redden de Here Jezus Christus in hun plaats moest sterven omdat de rechtvaardigheid van God dit eiste. De Reformatoren benadrukten zo het plaatsvervangend lijden van de Here Jezus. Immers, de straf op de zonde is de dood (Gen. 2:17; Rom. 6:23). Doordat Christus stierf aan het kruis voldeed Hij in onze plaats aan de eis van God waardoor de straf van eeuwige dood niet meer is voor wie in Hem gelooft (Joh. 3:16, 36; Rom. 8:1-4).

Aanhangers van de Christus-victor theorie vinden de substitutieleer gewelddadig en zijn van mening dat het idee dat God een Rechter is die Zijn onschuldige Zoon zou willen laten sterven om verzoening te brengen voor mensen verwerpelijk. Zo ook bijvoorbeeld dr. C.J. den Heyer. Het zou bovendien God en Jezus tegenover elkaar zetten volgens Aulén. De verzoening wordt zo in feite gereduceerd tot een soort juridische zaak. Terwijl in de Christus-victor theorie God en Jezus zij aan zij samen vechten tegen het kwaad.

Nu was Anselmus zeker niet de eerste die de substitutieleer leerde.
Voor Anselmus is voldoening een alternatief voor straf. Hij schreef in zijn genoemde boek: “het is noodzakelijk dat de eer die weggenomen is wordt hersteld of anders moet de straf volgen” (Boek 1 H13). Eusebius van Ceasarea (260-340) schreef bijvoorbeeld:

The Lamb of God . . .was chastised on our behalf, and suffered a penalty He did not owe, but which we owed because of the multitude of our sins; and so He became the cause of the forgiveness of our sins, because He received death for us, and transferred to Himself the scourging, the insults, and the dishonour, which were due to us, and drew down on Himself the apportioned curse, being made a curse for us. And what is that but the price of our souls? And so the oracle says in our person: ‘By his stripes we were healed,’ and ‘The Lord delivered him for our sins’“. [Demonstration of the Gospel 10.1]

Het probleem met de Christus-victor theorie is dat deze voorbijgaat aan het feit dat Jezus stierf als een verzoening voor onze zonde (1 Joh. 2:1-2). De vraag die je kunt stellen is wat dan werd verzoend? Volgens Anselmus de eer van God. Volgens de Reformatoren de toorn van God en Zijn eis tot gerechtigheid. De toorn van God over de zonde van de mensen moest worden weggenomen (Ef. 5:2). En de profeet Jesaja schreef al dat “de HEER zijn leven [dat van Zijn Knecht Jezus] opofferde voor de zonden” (Jes. 53:10). Bovendien werd zo de losprijs voor ons niet betaald aan satan, maar aan God (Hebr. 2:17; 1 Joh. 2:1-2; 4:10).

Ernstiger is dat, omdat de Christus-victor theorie leert dat het offer van Jezus niet bedoeld was om te voldoen aan Gods gerechtigheid, het lastig is om de Wet van God nog als goed en rechtvaardig te zien. Immers, deze zou geplaatst moeten worden onder de kwade zaken die werden overwonnen door het offer van Christus. Maar dan zouden God en Jezus samen vechten, niet alleen tegen de duistere machten, tegen satan, tegen de zonde van de mens, maar ook tegen de Wet van God die mens duidelijk maakt dat hij zondaar is tegenover God en de mens daarmee ook veroordeeld.

Paulus schrijft dat de wet bestaat om de mens te laten zien dat hij zondig is (Rom. 3:20; 7:1-12). Paulus noemt de wet van God heilig, rechtvaardig en goed (Rom. 7:12). Dat kan ook niet anders, want God Zelf is volmaakt heilig, rechtvaardig en goed. God eist volmaakte rechtvaardig omdat Hij Zelf volmaakt is (1 Joh. 5:5). God weet, gelukkig, ook dat wij zondige mensen op geen enkele mogelijkheid ook maar een klein beetje aan Zijn wet kunnen voldoen, omdat wij door en door zondig zijn (Rom. 3:9-20). Gelukkig is God ook genadig, en dat kan Hij zijn omdat Zijn Zoon stierf voor onze zonden aan het kruis (Joh. 3:16; Hand. 2:38; Rom. 3:23-24, 5:1-11). Als we God onze zonden belijden en ons geheel aan Hem overgeven, dan vergeeft Hij ons (Joh. 3:17-18; Hand. 10:43; Ef. 1:17; 1 Joh. 1:7).

Uiteraard is Christus Overwinnaar over de kwade machten die in deze tijd over de aarde heersen (Matth. 28:18; Joh. 16:33; Kol. 2:11-15). Door Zijn werk aan het kruis is het voor ons mogelijk om voorgoed bevrijd te worden van de duistere machten van de satan en de zonde (Kol. 1:13; Hand. 26:18). Maar dat doet niets af aan het feit dat Zijn dood aan het kruis ook plaatsvervangend was: voor ons (de gelovigen) en in onze plaats stierf Hij daar aan het kruis. Zo benadrukte de formator Johannes Calvijn de vele rijke facetten van het lijden van de Heren Jezus.

Een ander groot probleem van de Christus-victor theorie is dat deze de mens tot alleen een bijna onschuldig slachtoffer van de duivel, kwade machten, zonde en dood maakt. Maar ieder mens is ook zelf verantwoordelijk voor de zonde die hij doet. De zonde zit diep in het hart van ieder mens. Daarom wordt de mens in de Bijbel ook voortdurend opgeroepen zich te bekeren (Ezech. 18:21-32, 33:9-19; Joël 2:12-13; Matth. 3:2; Mark. 1:15; Luk. 13:3-5; Hand. 2:38; Openb. 2:5). De dood is de straf voor de zonde van de mens (Gen. 2:17; Rom. 6:23). Bevrijding daarvoor kan alleen maar als de straf voor onze zonden voldaan is. En dat deed de Here Jezus Christus voor de gelovigen aan het kruis.

De Christus-victor theorie vertelt ons verder niet hoe de verzoening tot stand is gekomen. Theoloog Albrecht Ritschl schrijft dat de Christus-victor theorie in feite geen theorie over de verzoening is, omdat het ons niets vertelt over hoe de dood van Christus diende als boetedoening voor onze zonde om ons met God te verzoenen. Aanhangers van deze leer neigen er dan ook naar te focussen op de consequenties van de zonde, m.n. de dood, en de overwinning op satan dan de zonde zelf en de verzoening daarvoor.

In onze ogen mag de substitutieleer (dat God Zijn Zoon Jezus voor ons en in onze plaats een wrede dood liet sterven aan het kruis) onaangenaam overkomen. Wie straft nou zijn onschuldige kind i.p.v. een ander die schuldig is? Wat mensen vinden mag niet de norm zijn. Want God en Christus hadden geen andere keus om de mens te redden. En gelukkig – God zij dank – liet Jezus de beker die Hij van de Vader kreeg, niet aan Zich voorbij gaan (Matth. 26:39). Dat deed Jezus niet gedwongen, maar vrijwillig. Hij werd voor ons tot een vloek (Gal. 3:13). Hij werd voor ons tot zonde gemaakt zodat wij voor God rechtvaardig kunnen worden (2 Kor. 5:21). Want zo werd Christus Overwinnaar over satan, zonde en dood. En ook in de substitutieleer zien we God en Zijn Zoon Jezus Christus zij aan zij overwinnen vechten tegen het kwaad:

Maar God bevestigt Zijn liefde jegens ons, dat Christus voor ons gestorven is, als wij nog zondaars waren.” [Rom. 5:8]

Het Goddelijk verzoeningswerk aan het kruis is werk van God en de Here Jezus samen. Het is m.i. verder onjuist om de substitutieleer te zien als vooral een zakelijke transactie. De Bijbel laat immers duidelijk zien dat de oorsprong van het verlossingswerk door het plaatsvervangend sterven van Jezus aan het kruis gegrond is in de oneindige, overweldigende en ook onverdiende liefde van God voor zondige mensen. Geen formaliteit, geen regels, maar liefde van God. En die genade en liefde van God die we ontdekken in de Bijbel verandert mensen. Het maakt gelovigen bereid om Jezus te volgen en hun kruis op zich te nemen (Mark. 8:34). Het geeft mensen de kracht om niet meer in zonde te leven (1 Kor. 6:9-11). Het werkt in ons zodat wij gelijkvormig worden aan het beeld van de Zoon van God, de Here Jezus (Rom. 8:29). Het geeft ons de hoop op het eeuwige leven (Tit. 3:3-7).

Waarom zo’n (exclusieve) nadruk op het aspect van Jezus Christus als Overwinnaar? En een op de achtergrond raken Zou dat te maken hebben met het feit dat in onze cultuur niet gemakkelijk over zonde wordt gesproken? Komt het door een verlies aan zondebesef (en dat is iets anders dan alleen maar een schuldgevoel) in onze tijd? Maar zondebesef en vergeving van zonden behoren bij de kern van het evangelie? In de Apostolische Geloofsbelijdenis lezen we immers: “Ik geloof in de …. vergeving van de zonden“. Maar, even gechargeerd, als er geen zonden zijn dan is vergeving daarvan ook niet echt nodig. Goede prediking is belangrijk voor een goed zicht op ons zondebesef.

De Christus-victor theorie lijkt steeds meer aanhang te winnen bij o.a. liberale Christenen en vredeskerken (zoals de Anabaptisten) omdat de dood van Jezus gezien wordt als gevolg van de wreedheid en boosheid aanwezig in de wereldmachten die Hem verwierpen en zelfs vermoordden; en Zijn opstandig als een overwinnend triomferen overen deze machten. Dr. Marcus Borg schrijft:

For [the Christus-victor] view, the domination system, understood as something much larger than the Roman governor and the temple aristocracy, is responsible for the death of Jesus… The domination system killed Jesus and thereby disclosed its moral bankruptcy and ultimate defeat“. (p. 95)

Theoloog dr. G. A. van den Brink vindt het boek van Sonneveld geen goed boek. “Flirten met de alverzoening“. “Sonneveld presenteert een evangelie zonder ernst, zonder urgentie, zonder bekering“. “Notie van straf in juridische zin ontbreekt“. Het zal niet iedereen verbazen dat Sonneveld ook moeite lijkt te hebben met de eeuwige straf voor de ongelovigen, de hel. Een citaat: ‘Hoe kan een oneindige straf ooit eerlijk zijn? Welke misdaad in een eindig leven kan ooit zo groot zijn?Reinier Sonneveld schreef een reactie op het schrijven van Dr. Van den Brink.

Het Evangelie van Jezus Christus mogen we nooit vergeten. Zijn plaatsvervangend lijden en sterven niet. En ook niet dat Hij Overwinnaar is over satan, zonde en dood. Maar het boek van Reinier Sonneveld? Ik laat het aan u over om er mee te doen wat u wilt. Maar “flirten met de alverzoening” lijkt mij, zeker in het licht van de Bijbelse waarschuwingen, niet aan te bevelen.

Bronnen:

  1. Reinier Sonneveld, Het vergeten evangelie (Buijten en Schipperheijn B.V., 2018)
  2. Gustaf Aulèn, Christus Victor: An Historical Study of the Three Main Types of the Idea of Atonement (1931); vertaling A. G. Hebert (New York: Macmillan, 1969)
  3. Albrecht Ritschl, A Critical History of the Christian Doctrine of Justification and Reconciliation, vertaling John S. Black (Edinburgh: Edmonston and Douglas, 1872)
  4. Marcus Borg, The Heart of Christianity, San Francisco: Harper

Comments are closed.